De toekomst is aan witte eieren

De Nederlandse consument kiest bewust voor bruine eieren. Onterecht denkt hij of zij dat dit de meest duurzame keuze is, terwijl dat juist het witte ei is. Deze misperceptie is het gevolg van falende communicatie van de pluimveesector.

Er zijn zoveel verschillende soorten eieren dat de consument door de bomen het bos niet meer ziet. Toen ik jong was verkocht mijn vader maar 2 soorten; grote en kleine. Als je nu voor het schap staat, proberen veel  kleurrijke etiketten de aandacht te trekken. Scharreleieren, biologische eieren, vrije uitloop eieren, gras eieren, viergranen eieren, omega eieren communiceren via de zijkant van het doosje hun onderscheidend vermogen.

Een relatief nieuwe loot aan deze sorteringsboom is het Rondeel-ei. Het is het enige ei dat van de Dierenbescherming een 3-sterren keurmerk heeft gekregen. In een originele verpakking van 3 eieren presenteren zich aan het winkelend publiek. Voor een prijs, die bijna 2,5 maal hoger is dan het witte scharrelei, is de Mercedes onder de eieren te koop.

De Bentley onder de eieren kwam  ik in Zwitserland tegen: “Eier mit Hertz”. Per 20 hennen liep er één haan bij. Het appelleerde aan de seksuele behoefte, die ieder wezen heeft en waarmee de consument zich kan identificeren. Je kunt je afvragen of het wel zo prettig is voor de voorkeurshen, die 20 keer per dag de scherpe, bewegende nagels van de haan op haar rug voelt.

Er is geen verschil tussen de witte en bruine eieren. In de beleving van de Nederlandse consument staat de bruine kleur voor gezond, welzijn en niet-batterij. De kleur geeft de eieren een extra positieve uitstraling. Marketeers maken gebruik van die associatie  en willen daarom alleen bruine eieren in het merk. Het resultaat is bijna alleen bruine eieren in het schap. Onderaan bij je voeten staan in plastic doosjes witte scharreleieren.

Ik koop altijd witte eieren. Voor het welzijn van de kip maakt het geen verschil. Behalve dat het witte ei 2 cent goedkoper is, is ook de milieubelasting minder. Witte eieren hebben nogal wat voordelen als duurzaamheid in acht wordt genomen. De levensduur van de kippen is langer en per ei is 10 % minder voer nodig. Dat betekent een lagere behoefte aan grondstoffen, minder mineralen uitstoot en een lagere carbon footprint.

Een recente uitzending van de Keuringsdienst van Waarde was geheel gewijd aan het verschil tussen bruine en witte eieren. De presentatoren vroegen zich aan het eind van het programma oprecht en terecht af waarom er nog bruine eieren worden geproduceerd.

Consumenten perceptie is hardnekkig en moeilijk te veranderen. Het vraagt een uitgebreid communicatie traject. Daarnaast moet de hele keten willen meewerken. De vervanging van het bruine ei door een witte hoeft niet lange te duren als de supermarkten, die duurzaamheid hoog in het vaandel hebben, besluiten alleen witte eieren te verkopen.  De uitzending van de Keuringsdienst van Waarde  zou voor de legsector  een vertrekpunt kunnen zijn voor gerichte communicatie naar de consument.( https://www.youtube.com/watch?v=hvfx8ooIpoU)

P.S.

2 weken na het schrijven van de column zag ik voor het eerst witte Vrije-uitloop eieren in het schap. Het gaat de goede kant op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.